Sla navigatie over

 

Slechte vertegenwoordiging van bepaalde groeperingen in Wmo-raden

Verstandelijk gehandicapten en psychiatrische patiënten worden slecht vertegenwoordigd in de plaatselijke Wmo-raden (Wet Maatschappelijke Ondersteuning) die gemeenten adviseren bij het ontwikkelen van welzijnsbeleid. Waarschijnlijk is dat een van de oorzaken waardoor met name psychiatrische patiënten vaak niet de zorg krijgen die ze nodig hebben.


Rapport

De Wmo is erop gericht burgers zo veel mogelijk deel te laten nemen aan het maatschappelijke verkeer, zodat ze niet buiten de boot vallen of in een isolement geraken. Volgens het SCP (Sociaal Cultureel Planbureau), dat vandaag een rapport presenteert over het functioneren van de Wmo, werkt de wet over het algemeen goed. Toch blijft het voor chronisch psychiatrische patiënten en verstandelijk gehandicapten moeilijk om hun weg te vinden in de hulpverlening.

 

                                      

Paradoxaal

Maarten Vermeulen, lid van de Wmo-raad in Bunnik en zelf patiënt, zegt in een interview met Zorg en Welzijn, dat mensen met een psychische aandoening zich vaak te slecht voelen om zelf hulp aan te vragen bij een Wmo-loket: “Maar het paradoxale is(…) Als ze dat op een goede dag wel doen, vindt degene achter het loket hem of haar niet ziek genoeg voor hulp.”

 

Isolement

Mensen met een psychiatrische aandoening als schizofrenie, hebben de neiging zich te isoleren. Ook in Bunnik is maar een klein aantal mensen met een psychische aandoening bekend in vergelijking met hoeveel er volgens landelijke gemiddelden zouden moeten zijn. “Gemeenten zouden hier meer oog voor moeten hebben." vindt Vermeulen, "Ook deze mensen willen, net als ouderen en gehandicapten, zo lang mogelijk zelfstandig blijven.”

 

Bron: Zorgvisie en Zorg en Welzijn

1 maart 2010


Pagina afdrukkenTip 'n ander